L11401

Als informaticus/statisticus in de farma sector heb ik veel ervaring met het verwerken van  klinische studies.  Helemaal in het begin van mijn carrière heb ik me druk gemaakt omdat ik in een patiëntendossier op een post-itje de  gegevens vond (met de naam en toenaam) van de patiënt in kwestie.  Ik was daar niet goed van, zoiets is ‘not done’.

Ik heb er altijd over gewaakt om respectvol met die gegevens om te gaan, want achter elk gegeven in de databank, zit een mens van vlees en bloed.  Een mens die zichzelf ter beschikking stelt voor de vooruitgang van de wetenschap en de maatschappij.  Een mens met een verhaal, want je geeft je lijf niet zomaar ter beschikking aan de wetenschap, daar zit ongetwijfeld een verhaal achter.

Het is goed dat ik niet die verhalen kende, anders zou ik mentaal misschien niet in staat zijn om mijn job gedaan te hebben zoals het hoort.  Ik vergelijk dat met de chirurg die mij 5 keer geopereerd heeft na mijn zwaar ongeval.   Niets dan lof voor Professor Broos en zijn team, wat men in het Leuvense van die man ook moge zeggen, voor de patiënt was hij één en al oor en hij nam de nodige tijd om met de mens (de patiënt) achter het medische object bezig te zijn, helemaal anders dan zijn collega van urologie.  Het is goed dat die chirurgen écht contact met mij hadden op mijn wakkere momenten, maar dat men mij zag als medisch object van zodra ik onder anesthesie was, zodat ze zonder veel emotionele betrokkenheid hun werk konden doen.

Sinds een jaar of twee geef ik regelmatig bloed.  Vorige maand was het weer zover, en waar ik dat doe is dat dik in orde, de mensen zijn vriendelijk, de sfeer is goed, het personeel levert heel degelijk werk, is heel mens betrokken.  Zo moet dat  zijn.  Toch stoort het mij als ik mijn donatie-statistieken bekijk zoals die op het kaartje vermeld staan.  Bloedgaven, een kleine tiental, Plasma NUL.  Nochtans…

L11401, het getal staat in mijn geheugen gegrift, het is mijn nummer zoals het toen gekend was bij het Leuvens Rode Kruis.  Dat ik het van buiten ken is geen wonder, ik heb het honderden keren met een rode stift moeten schrijven op de plasmazakjes.  Honderd vier en veertig (144) plasmagiften heb ik gedaan, ik heb het bewijs ‘toevallig’ vorige week terug gevonden.  144 keer dat ik een aantal uren spendeerde in de Onze Lieve Vrouwstraat, want toen was dat absoluut nog niet zo geautomatiseerd als nu.  144 keer een verhaal, met zijn toffe en minder toffe kanten.  Ik heb daar ontdekt dat ik (na een zware humaniora periode) tóch sociaal was, dat ik contact kon leggen met mensen, dat ik humor in mij had.  Ik heb daar gewerkt als jobstudent, ik heb daar meegedraaid in de plasma-marathons.  Ik heb daar mijn vrouw leren kennen.  Allemaal verhalen achter dat nummertje L11401.

Ik denk dat ik (net als vele andere bloed/plasma gevers) fier ben op wat ik doe, over het aantal gaven  (144 maal een kleine 700 gram per gift, reken maar uit, ik heb meer dan mijn lichaamsgewicht afgestaan!).

Groot is nu mijn verbolgenheid, reeds enkele maanden vraag ik dat dit geregulariseerd wordt.  Gebeld, gemaild, bij de laatste gift heeft de dokter uitvoerig een nota geschreven op het gifteblad met de vraag mij daarvoor te contacteren.  Nada, ik blijf bot vangen.

Organisaties waarvan de missie maatschappelijk verantwoord is dienen dit ten volle waar te maken.  People, Planet, Profit.  People geldt hier voor alle mensen, niet alleen voor die mensen die mijn bloed bloedserieus nodig hebben, maar ook voor diegenen die het afstaan.

Toch blijf ik mijn steentje bijdragen, L11401 zal verder bloed blijven geven, L11401 vindt het te belangrijk…

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: