Guido Verschueren – Leuven Centraal

Guido Verschueren is gevangenisdirecteur van Leuven Centraal.  In deze gevangenis verblijven 350 mensen met een zwaar strafblad…

Beste Lezer, voor u aan deze tekst begint, best eerst even de algemene inleiding op deze interviewreeks lezen...

Humane benadering

Wanneer een rechtbank een definitieve uitspraak heeft gedaan en tot vrijheidsberoving heeft beslist, dan is het niet aan ons om een oordeel uit te spreken over deze straf.  Het is echter onze opdracht om die straf op een juiste manier uit te voeren.  De vraag is natuurlijk ‘wat is juist’.  Wij denken dat wát ze ook gedaan hebben, dat het mensen blijven.  Een humane benadering is belangrijk, ook vanuit de overtuiging dat dit ook voor de maatschappelijke veiligheid belangrijk is.

Zonder rancune terug naar de vrije wereld

Quasi iedereen komt vroeg of laat terug vrij.  Als je mensen als beesten opsluit, dan komen ze als beesten terug naar buiten, zijn wij daar als maatschappij mee gediend?  Wij gaan niet beweren dat we de mensen beter maken, dat is wellicht te hoog gegrepen.  Maar als we erin slagen om mensen vrij te laten gaan zonder al te veel wrok en rancune na een in se negatieve periode in hun leven, dan zijn we goed bezig.

Activiteitenpakket

Ook al is dit misschien weinig als doelstelling, het is enorm zwaar deze te realiseren!  Het is niet omdat je mensen opsluit, dat je niet probeert iets met hen te doen.  Maak van hun aanwezigheid gebruik om hen kansen en mogelijkheden aan te reiken, kansen waar ze als mens iets mee zijn, met oog op hun toekomst.  Daarom hebben we hier een goed uitgewerkt activiteitenpakket en proberen wij externe diensten ook binnen onze muren een werking te laten ontplooien (onderwijs, vorming, begeleiding).

Basiswet detentie

Dit alles is niet uniek voor deze gevangenis, maar we zijn altijd een voortrekker geweest  Het zit nu meer in de lijn van wat vanuit het beleid wordt naar voren geschoven: men streeft naar een zinvolle en reclasseringsgerichte detentie.

Tot voor enkele jaren had het gevangeniswezen nauwelijks een wettelijke basis. Er was een Algemeen Reglement, uitgevaardigd bij koninklijk besluit, daarnaast waren er ook ministeriële besluiten en vooral honderden omzendbrieven van de minister, die de werking van de gevangenissen reglementeerden.  Prof. Dupont, professor strafrecht hier in Leuven, heeft halverwege de jaren negentig op vraag van minister Stefaan De Clerck een voorontwerp van  beginselenwet opgemaakt. Dit voorontwerp heeft uiteindelijk na vele jaren geleid tot de basiswet gevangeniswezen van 2005.

We leefden reeds in de geest…

Die wet moet nu geleidelijk aan, stap voor stap, geïmplementeerd worden.  Dit heeft nogal wat consequenties, dat vertalen op het terrein is niet zo eenvoudig.

Als je de basiswet leest, dan is de rode draad het respect voor de menselijke waardigheid, iets wat we hier al jaren proberen te doen.  De langzame invoering van de basiswet heeft tot nu toe vooral geleid tot allerlei juridische voorschriften. De vraag is evenwel of alleen hierdoor het leef- en werkklimaat in de gevangenis automatisch verbetert?   Wie wordt daar nu beter van als op papier gezet wordt waarom je bijvoorbeeld een balpen niet kan krijgen?  Daarom lijkt mij heel belangrijk te zijn dat vooral op de werkvloer geprobeerd wordt in de geest van de basiswet te werken, dat in het concrete handelen de basisbeginselen van de nieuwe wetgeving (o.a. respect voor de menselijke waardigheid) effectief de leidraad zijn. Dit vraagt vaak ook een aanpassing van de geesten van het personeel.

Repressief denken

Als op een bepaald moment het Vlaams Blok zoveel stemmen haalt in Vlaanderen, dan mag je er van uit gaan dat dit zich bij de cipiers ook vertaalt. We zijn allemaal kinderen van onze tijd. Ik heb de indruk dat het repressief denken in onze samenleving toeneemt.  Wat in het begin van mijn carrière als normaal werd beschouwd, is nu minder en minder evident.

Luik

Elk incident wordt aangegrepen om steun te geven aan een bepaalde visie.  Kan wat in Luik gebeurd is, voorkomen worden?  Ik vrees van niet. Steeds zullen er mensen zijn, die om welke reden dan ook plots aan de basis liggen van een drama. Een samenleving kan zich hiertegen niet helemaal wapenen. Die man is inderdaad voorwaardelijk vrijgekomen, maar twee jaar later had hij zijn straf volledig uitgezeten en stond hij ook op straat. Misschien was zijn wrok dan nog wel veel groter geworden… .

Maatschappij wil controleren

We leven in een maatschappij waar men steeds meer wil controleren, de angst is duidelijk aanwezig.  Ik beweer dat we goed bezig zijn als wij onze gedetineerden correct behandelen.  Dit is geen alles zaligmakend middel, maar iedereen heeft er als mens recht op, want de tijd van “oog om oog, tand om tand” is al lang voorbij.  Ik maak me er zorgen over dat het aan het terugkomen is.

Er komen moeilijke tijden

Ik voorspel moeilijke tijden voor de gevangenissen: veel instellingen hebben overbevolking, er is vooral toenemende agressie.  Maar van waar komt die toenemende agressie, heeft dat te maken met wat er gebeurt in de maatschappij? Ongetwijfeld, maar wat gebeurt er misschien in de gevangenis zelf dat maakt dat mensen gemakkelijker uit de bol gaan? Ook hierover dienen wij grondig na te denken.

Handelen we correct?

Ook al bestaat de basiswet met al zijn voorschriftjes, hoe correct zijn we in de dagdagelijkse behandeling van de mensen?  Er zijn uiteraard schitterende cipiers, ik zie mensen die elke dag op een onopvallende manier het beste van zichzelf geven in moeilijke omstandigheden.  Ze blijven trouw aan een bepaalde visie.  Bij sommige anderen heb ik mijn vragen…

Verandering van geesten

Sommigen kunnen de basiswet niet plaatsen ‘ik ben chef, als ik zeg dat het wit is, dan is het wit’.  Die verandering in de geesten is nog niet altijd bij iedereen even duidelijk aanwezig.  Ik denk zelfs dat het toepassen van de basiswet een averechts effect kan hebben bij personeel dat niet mee is met de achterliggende visie.

Verschillende soorten van personeel

Je ziet de betrokkenheid, mensen die voelen dat er een probleem is, en zien wat ze kunnen doen om het op te lossen.  Er zijn er ook die zich veel minder aantrekken, en vooral hopen dat hun shift zo rap mogelijk afgelopen is.

Ik heb geen idee hoeveel mensen mee zijn met die menswaardige aanpak en hoeveel niet.  Je moet oppassen je niet te laten leiden door diegenen die het meeste lawaai maken.  Ik ben er nog altijd van overtuigd dat de overgrote meerderheid het goed voor heeft, sommigen hebben wel schrik om dat te tonen.  Als personeelslid moet je hier zien te overleven ten opzichte van je collega’s.

Motivatie blijven onderhouden

Ik heb veel mensen met goede ideeën in de sector zien stappen, maar eens je in het werk zit, heb je uiteraard vele ontgoochelingen. Dat kan aanleiding geven tot het zich anders positioneren, zo zie je soms mensen evolueren in een meer cynische richting.  Je moet je motivatie blijven onderhouden, zoeken hoe je je uitgangspunten in praktijk kan blijven zetten.  Het is belangrijk dat je daarbij kan rekenen op  mensen die een gelijkgezinde boodschap uitdragen.   De BZN campagne bijvoorbeeld geeft een enorme boost.

Evenwichten zoeken

Je moet personeel en gevangenen in evenwicht hebben, dat is op eieren lopen.  Je mag dit niet onderschatten, je wordt hier met zoveel problemen geconfronteerd, en iedereen moeit er zich mee: het hoofdbestuur, eventueel het kabinet van de minister, de politie, het parket…. Iedereen denkt zijn  zeg te moeten hebben.

We zijn allemaal mensen, het is hier zeker niet perfect, absoluut niet, er zijn hier duizenden problemen, problemen waar ik echt van afzie.  Dingen waarvan ik vind dat het jammer is dat ze gebeuren, dingen waar je geen of te weinig vat kunt op krijgen.

Een directeur moet veel gezond verstand hebben, en veel zin voor relativering, want je kan elk voorval mee opblazen, doen ontploffen, je kan ook proberen de dingen in hun juiste context te plaatsen, te nuanceren en te relativeren.  Als directeur kunnen beschikken over een grote dosis gezond verstand is bovendien een groot voordeel.

Voorbeeldfunctie

Toen ik nog adjunct-directeur was, kwam er een nieuwe directeur toe, ik stelde hem voor aan de verschillende groepen personeel.  Om kwart voor vier (als de werkdag voor de mensen van de werkhuizen erop zit) begint een gedetineerde tegen mij te fulmineren.  Die man ging door het lint, er waren problemen met zijn vrijlating.  Mijn baas was hiermee allesbehalve opgezet en zei dat – mocht hij hier al langer zijn – hij er zou voor zorgen dat hij nog niet zou vrijkomen.  Tientallen mensen, ook personeel, hebben het voorval gezien, het kon alleen maar in ons voordeel werken als iedereen ziet dat ook wij als directie ons deel van de miserie moeten dragen én we er op een juiste manier kunnen mee omgaan.  Dit is een voorbeeld van hoe je voorbeeld kunt zijn.  Je moet dat natuurlijk niet zoeken, maar je probeert uw eigen visie in de praktijk om te zetten.

Ik was er zeker van dat die man een paar dagen later bij mij zou staan om zich te verontschuldigen.  Inderdaad, drie dagen later kwam hij sorry zeggen.

Leuvense Franse Revolutie

Toen ik in 1970 naar de universiteit kwam, waren de naweeën van mei ‘68 hier nog aanwezig.  Ik ben dus een late mei 68er.

In 1976 heeft Leuven Centraal een zomerstaking meegemaakt.  Een staking van de gedetineerden, gevolgd door een staking van het personeel. Die zomer is voor Leuven Centraal de Franse Revolutie geweest, op korte tijd werd het Ancien Regime afgebouwd en groeide er iets nieuws.  Kort nadien, in 1979, ben ik hier toegekomen.

De gouden jaren

De jaren tachtig waren de gouden jaren voor Leuven Centraal.  Mijn eerste baas is weggegaan in 1984, er kwam iemand in zijn plaats die bijna op pensioen mocht.  Hij stond achter de ideeën, die een jonge collega en ik hadden, hij liet ons ons ding doen.  Mijn collega is begin van de jaren negentig weggegaan.  Het project werd gelukkig verder gedragen.

Opendeursysteem

Na die Franse Revolutie zijn we begonnen met het uitbouwen van een meer gevarieerd aanbod aan activiteiten (sport, ontspanning, vorming en onderwijs, bibliotheek en cultuur) en met het opendeursysteem, een systeem dat duidelijk altijd door de vakbonden gedragen is geweest.

Dit systeem houdt in dat tijdens het grootse gedeelte van de dag  bij de overgrote meerderheid van de veroordeelden de celdeuren openstaan, dat de gedetineerden zich vrij kunnen bewegen in hun vleugel en bij elkaar op cel kunnen gaan.

De dag begint hier om 06u10, dan gaan de deuren open, ze gaan dicht om 20u20.  De gedetineerden nemen hun maaltijd op hun cel, dan gaan de deuren ook dicht, dit geeft het personeel de mogelijkheid om in rustiger omstandigheden te eten.

Minder frustratie

Bij de meerderheid staat de deur open, een aantal mensen wordt daarvan uitgesloten.  Dat kan zijn omwille van veiligheidsredenen, voor iemand  bijvoorbeeld die het etiket ‘vluchtgevaarlijk’ heeft gekregen, of als iemand een sanctie oploopt.

Dat opendeursysteem maakt dat mensen minder gefrustreerd leven, het is iets natuurlijker, iets minder artificieel.  Hier is ook geen overbevolking, het is 1 man/1 cel.  Dit heeft te maken met het feit dat het hier gaat om langer-gestraften, een minimum aan privacy is zeker hier op zijn plaats.

Grenzen van beheersbaarheid

Open deur heeft zijn grenzen van beheersbaarheid, het moet hier wel veilig blijven.  In totaal verblijven hier 350 gedetineerden, waarvan 50 in voorhechtenis.  In totaal werken hier 250 mensen, van wie 210 cipiers.  De 50 in voorhechtenis zijn hier om Sint-Gillis te ontlasten, deze mensen hebben een apart regime.  Voor die 300 veroordeelden is dan natuurlijk de vraag hoe ver je kan gaan met die open deur, de beheersbaarheid blijft centraal staan.

Een regime dat je moet verdienen

Er zijn natuurlijk nadelen, maar de voordelen wegen op.  Er is hier minder agressie.  Waar mensen samenleven is er altijd wel  ‘ambras’ mogelijk.  Sommigen zijn wat heetgebakerd, hebben probleem met agressiecontrole, impulscontrole.

We stellen toch vast dat we hier veel minder agressie hebben dan elders.  Agressie naar personeel komt gelukkig heel weinig voor.  Het komt voor, maar is eerder uitzonderlijk en wordt absoluut niet getolereerd.  In dit soepel liberaal systeem blijf je met je handen van de bewakers af.  Punt.   De mensen moeten dat regime verdienen.  Mensen die te veel in overtreding gaan krijgen een time-out van drie maanden in een tussenregime.

Het basisregime van een gevangene is normaal gezien samen werken, samen wandelen, maar zeker en vast geen open deur.  Zo een open regime moet je dus blijven verdienen.

Alle lagen van de maatschappij

Men zegt dat in de gevangenis vooral personen uit de laagmaatschappelijke klassen aanwezig zijn. Dat is ongetwijfeld zo, maar zeker bij de veroordeelden door een Hof van Assisen (en die categorie is hier sterk aanwezig) zijn er heel wat met een andere achtergrond,  mensen die tot de feiten een vrij normaal leven hebben gehad, maar die op een bepaald moment zijn ontspoord.

Wat na vrijlating?

We hebben geen statistieken van wat er gebeurt eens mensen vrijkomen, er is nauwelijks onderzoek over recidief gedrag.  Er zijn mensen waar je niets meer van hoort, op zich een positief teken.  Er zijn er natuurlijk die hervallen.  Ik kan zeggen dat van de mensen die hier zitten voor moord, en die zijn hier met tientallen aanwezig, er maar weinig of geen hervallen.

Tuurlijk gebeurt dat. Een gedetineerde uit de gevangenis van Oudenaarde heeft recent tijdens zijn uitgaansvergunning een vrijwilligster vermoord.  Zulke feiten zijn uiteraard bijzonder dramatisch en moeten met alle mogelijke middelen worden vermeden, maar helemaal uit te sluiten zijn ze niet.  Mensen zijn nu eenmaal niet voorspelbaar.

We horen af en toe nog iets van mensen die vrijkomen, met kerst krijgen we wel eens een briefje van iemand.  Mensen die diefstallen, overvallen hebben gepleegd, lopen natuurlijk meer kans om opnieuw te hervallen.  Zelfs mensen die uit het milieu komen, en die het nadien goed willen doen, hebben het verduiveld moeilijk, zelfs als ze met de beste intenties buiten gaan, ze worden nadien weer aangesproken, of ze missen die kick, …  Breken met het milieu is niet zo eenvoudig.

Criminogenese

Aan de hand van een uitgebreide anamnese en psychologische testing onderzoekt de psychosociale dienst van de gevangenis elke gedetineerde.  Op deze manier maakt men een diagnose en een criminogenese: hoe komt het bijvoorbeeld dat iemand zijn vrouw vermoordt wanneer hij ze beu is in plaats van te scheiden? Op basis van die criminogenese maakt men een prognose om te zien of die persoon terug vrij kan komen, en zo ja, aan welke voorwaarden – begeleidingen, therapieën – hij eventueel kan onderworpen worden om de risico’s te verminderen en zijn re-integratie meer kansen te geven.  Mensen komen niet (zoals de publieke opinie denkt) vrij op basis van goed gedrag. Dit laatste speelt absoluut geen doorslaggevende rol.

Ik kan alleen vaststellen dat mensen die voor moord zitten zelden of nooit hervallen.  Een aantal mensen hebben wel problemen om terug geïntegreerd te geraken.   Je hebt sowieso een aantal mensen die het moeilijk hebben om adequaat maatschappelijk te functioneren.

Publieke opinie

De publieke opinie mag zich niet laten opjagen door extreme feiten die soms gebeuren.  Men vergeet dat er honderden, duizenden zijn die de periode met een enkelband op een positieve manier doorlopen.  Net zoals er duizenden mensen zijn met een uitgangspermissie die dat goed doen.  Natuurlijk is die ene keer dat het fout loopt, één té veel.  Maar moet je daarvoor het hele systeem in vraag stellen?  Wat in Luik gebeurd is, is een groot drama en ik hoor de politiek dan zeggen ‘we gaan maatregelen nemen om dit in de toekomst te voorkomen’. Ik ken het dossier niet en ik weet niet of men daar fouten heeft gemaakt. Vraag blijft evenwel of dergelijke drama’s echt kunnen voorkomen worden.

Zaak Dutroux

De zaak Dutroux heeft – hoe eigenaardig dit ook mag klinken – heel wat positieve gevolgen gehad.  Eigenlijk heeft die zaak veel in beweging gezet.  Er zijn extra middelen vrijgekomen om de psychosociale diensten van de gevangenissen meer uitgebreid te bemannen, om gedetineerden grondiger te kunnen onderzoeken, om gedetineerden na hun vrijlating beter te kunnen opvolgen. Ook de aandacht voor de slachtoffers in de strafrechtsbedeling is erdoor terecht toegenomen.

Kiezen om straf uit te zitten

Doordat er nu meer aandacht is voor het onderzoek van de gedetineerden alvorens zij vervroegd kunnen vrij gaan, komen sommigen inderdaad minder makkelijk vrij. Het is ook niet meer de minister van justitie die daarover oordeelt, maar een echte rechtbank: de strafuitvoeringsrechtbank.  Er zijn evenwel nu ook meer gedetineerden dan vroeger die niet vroegtijdig de gevangenis willen verlaten omdat ze niet willen meedoen aan het noodzakelijke onderzoek door de psychosociale dienst of die liever de gevangenis verlaten zonder allerlei voorwaarden.  Als zij hun straf uitgezeten hebben, kunnen ze doen en laten wat ze willen, natuurlijk binnen de maatschappelijke regels.  Ik zie hier pedofielen die gewoon zeggen hun straf uit te doen, die niet willen meedoen aan de verplichte begeleiding, die als voorwaarde wordt opgelegd.

Als ze dan hun straf uitgezeten hebben, is het al voorgevallen dat ik ’s anderendaags een telefoon kreeg van een onderzoeksrechter ‘die man is naar het schijnt vrij’.  Tuurlijk, hij heeft zijn straf helemaal uitgezeten, als ik hem niet had vrijgelaten was ik als directeur ernstig in de fout gegaan.

Directeur als manager?

De laatste jaren wordt van een gevangenisdirecteur vooral verwacht dat hij een goede manager is.  Uiteraard moet de gevangenis goed beheerd worden, moeten de beschikbare middelen zo efficiënt mogelijk worden aangewend. Het gaat uiteindelijk om gemeenschapsgeld. Maar zeker in Leuven Centraal is de directie te vergelijken met een college van burgemeester en schepenen.  Je moet – net als in een stad of gemeente –  zorgen dat de middelen efficiënt aangewend worden, maar je moet ook weten wat er bij uw mensen leeft, op de werkvloer en bij de gedetineerden. Mijn deur staat altijd open, behalve als ik in gesprek ben.  Iedereen mag hier binnenkomen, het is hier zeer laagdrempelig.  Ik vind dat belangrijk, en zo krijg je ook wat gedaan, de mensen kennen je op den duur wel.

Verhaal doen

Gedetineerden kunnen mij altijd een gesprek aanvragen. De gesprekken met gedetineerden is normaal het werk van de regimedirecteurs, die verantwoordelijk zijn voor een vleugel en de gedetineerden die er verblijven. Zij schrijven ook de adviezen i.v.m. de strafuitvoeringsmodaliteiten (uitgaansvergunning, penitentiair verlof, elektronisch toezicht, voorwaardelijke invrijheidstelling) en behandelen daarnaast ook de tuchtrapporten. Maar gedetineerden hebben nog altijd de mogelijkheid om bij het inrichtingshoofd ook eens hun verhaal te komen doen. Dan ben je zo een beetje de biechtvader.

Door het feit dat ik hier al zo lang ben, ben ik niet enkel een stabiele factor, maar weet men ook waar je voor staat, wat je bent als persoon, en wat je visie is.

Grote verantwoordelijkheid

Mijn verantwoordelijkheid nemen. Dit is wat ik probeer te doen, met mijn beperkingen.  Ik voel me nog altijd gedreven om te doen wat ik denk dat ik moet doen.  Soms begin ik wel te voelen dat mijn schouders beginnen af te zakken.  Het is hier niet min, je mag niet stilstaan bij de verantwoordelijkheid die je hebt.  Dat is niet simpel, maar ik ben er voor aangesteld.  Daarom is het belangrijk te kunnen rekenen op een groep medewerkers, een groep mensen waar je echt kunt op steunen.  Ik heb een goede directieploeg, goede hoofdbewaarders, veel gedreven personeelsleden, mensen die stuk voor stuk, met al hun mogelijkheden en beperkingen het beste van zichzelf geven.  Het is heel plezant dat je met die mensen kunt samenwerken.  Je voelt dat die achter u staan, dat het klikt.  Je hoopt dat zo veel mogelijk mensen je visie kunnen delen om zo het  gewenste proces te ondersteunen en bewaren.

Werkgroep affectieve relaties

Er is hier een werkgroep ‘affectieve relaties’, die groep probeert een aantal initiatieven te ontwikkelen die kunnen bijdragen tot het verbeteren van de relaties tussen de gevangenen en hun belangrijkste mensen buiten de muren.  Die man blijft een vader, een partner, …  De werkgroep gaat binnenkort opnieuw een Valentijndiner organiseren.  We hebben hier een paasbrunch, een sinterklaasfeest….  Gedetineerden kunnen op die manier met hun familie iets leuks doen, iets dat de affectieve relaties kan ondersteunen.  Als elke sportclub een Valentijndiner mag organiseren, dan mag dat hier ook gebeuren.  Trouwens, als een gedetineerde op die manier goede contacten met zijn partner kan onderhouden, dan komt dat bij vrijlating ook de maatschappij ten goede.

Ik ben heel blij dat ik voor dit soort initiatieven kan rekenen op gemotiveerde personeelsleden, zeker omdat ik weet dat niet iedereen van het personeel hierover even enthousiast is.  De mensen van de werkgroep zijn heel goed bezig, ik weet dat er nog zijn die graag zouden meewerken, maar die aarzelen uit schrik voor wat de collega’s eventueel zouden zeggen.

Magistraten in wording

Vorige maand had ik hier een aantal gerechtelijke stagiairs, mensen die voor het examen van parketmagistraat geslaagd zijn.  Toen ze hoorden van ‘de feestjes’, dan hadden sommigen het daar moeilijk mee,  ‘hoeft dat nu allemaal’?  Toch een opmerkelijke vaststelling, die aanleiding heeft gegeven tot enige discussie. Het ging om magistraten in wording, mensen die binnen een paar maand straffen gaan vorderen voor de rechtbank.

Geen benul van wat er gebeurd

Je ziet hier heel weinig magistraten in functie, men spreekt straffen uit, men vraagt straffen, maar wat dat in praktijk betekent, daar heeft de doorsnee rechter weinig benul van.  Jeugdrechters vinden soms dat kinderen niet op bezoek kunnen gaan in de gevangenis, maar ik heb hier nog nauwelijks een jeugdrechter gezien…

Kindvriendelijke bezoekzaal

We hebben sinds 1997 een kindvriendelijke bezoekzaal, onze roefelzaal.   Daar moet je niet plaats nemen aan een tafel maar kan je met de kinderen spelen.  Er is een glijbaan, een tv met dvd, spelletjes en een verzorgingshoek.  Dat daar een verjaardagsfeest georganiseerd kan worden, dat weet die jeugdrechter niet. Dat kinderen hier in kindvriendelijk omstandigheden hun papa kunnen bezoeken evenmin.

De gevangenis doet iets met een bezoeker

Het doet raar voor iemand die de eerste keer een gevangenis binnenkomt, je kan merken dat de mensen naar lucht happen.  In ons programma zitten ook literair-culturele avonden, jaren terug hadden we Paula D’hondt aangeschreven om te komen spreken.  Zij was onmiddellijk akkoord, maar de ochtend van de lezing krijg ik een telefoon vanuit haar kabinet, ze maakten zich zorgen over haar veiligheid.

Aan het onthaal

Je komt binnen in een wereld waar van alles over verteld wordt.  We hechten er daarom veel belang aan dat het personeel, dat aan de poort de mensen ontvangt, dat op een correcte manier doet.  Ik wil dat de portier beseft dat hij het uithangbord is van Leuven Centraal: een buitenstaander kan alleen maar bij de portier komen.  Natuurlijk als de metaaldetector piept beginnen mensen al eens van hun oren te maken.  Onze mensen hebben een opleiding gekregen om hiermee adequaat te kunnen omgaan.

Ik krijg regelmatig felicitaties van bezoekers die een pluim geven voor de mensen van het onthaal. Ik ben dan telkens bijzonder trots op mijn mensen.  Natuurlijk is de ene persoon de andere niet, zoals de ene dag de andere niet is.  Je moet er van uit gaan dat alle bezoekers per definitie onschuldige mensen zijn, ook al weet ik dat er zullen bij zijn die proberen drugs binnen te smokkelen.

Passanten in uniform

Er zijn al eens bezoekers die problemen geven, soms heb ik problemen met politiemensen en magistraten die vinden dat ze niet door de metaaldetectie moeten gaan.  Jarengeleden schreef de korpschef van de Leuvense politie  een brief naar zijn personeel, met een kopie voor mij, dat ze voortaan in de twee Leuvense gevangenissen die vernederende controles aan de poort niet meer moeten meemaken.  Ik bel de commissaris op en zeg hem dat dit zomaar niet gaat, dat de voorschriften moeten gevolgd worden.  Hij was niet akkoord, hij ging er voor zorgen dat de  burgemeester hierover een brief zou schrijven naar de minister.  Dan moet hij maar schrijven. Iedereen die binnenkomt – ik ook! – moet gecontroleerd worden.  Enkele weken later kreeg ik een kopie van een brief van de minister aan de burgemeester die stelde dat de regels moeten toegepast worden en dat dit ook geldt voor de politie.

Niets spectaculair

We zijn bezig een nieuwe bezoekruimte te creëren voor familiaal bezoek, een plek waar een gedetineerde met familie kan samenkomen.  Niet enkel hier, maar ook in andere gevangenissen worden inspanningen gedaan om het gevangenisleven menselijker te maken.  Dat is weinig spectaculair, daar krijg je nauwelijks mediabelangstelling voor.  Als hier straks iemand ontvlucht, of iemand de keel oversnijdt, dan..

De media

Wat gebeurt in de media is onvoorstelbaar…Een klein jaar terug hadden we veel mensen met diarree, een probleem dat zich ook buiten de muren voordeed.  Die maandagavond om 6 uur krijg ik een telefoon van een televisiezender met de vraag of er een voedselvergiftiging is in Leuven Centraal.  Ik vroeg wat de maatschappelijke relevantie was van het feit dat er bij ons een aantal mensen meer naar het toilet moeten gaan…

Het is hallucinant, daar moet je voortdurend ook mee rekening houden.  Daar moeten wij ook leren mee werken.

Positieve verhalen brengen

Ik vind het natuurlijk niet slecht dat er meer maatschappelijke belangstelling is voor wat er binnen de gevangenismuren gebeurt, maar het is niet altijd een even gezonde belangstelling. Het publiek mag of beter moet ook weten dat onze gevangenis óók een leefgemeenschap is waarin mensen proberen met elkaar samen te leven, proberen er het beste van te maken en dat hierbij heel wat positief-menselijke aspecten aan bod komen.  Natuurlijk is  er veel negativiteit in de gevangenis, maar dat is slechts één zijde van medaille.  Dat evenwicht in de media is al te vaak zoek.  Wat kan je daar aan doen?  Blijven verder doen wat je denkt dat je moet doen.

Uitgelezen terrein voor mijn missie

Ik hou het vol omdat ik gezond ben naar lichaam en geest, denk ik.  Zeker en vast naar lichaam, want ik ben nooit ziek.  Regelmatig als wielertoerist tochtjes maken of lange wandelingen maken met mijn vrouw hebben ongetwijfeld ook een gunstig effect. Wat ook speelt, is het feit dat ik een gelovig man ben, ik probeer op een of andere manier het evangelie in de praktijk om te zetten.  Uit mijn opvoeding komt de idee van dienstbaarheid, betrokkenheid op de maatschappij.  Dat is ook de reden waarom ik sociologie (en nadien criminologie) ben gaan studeren.

Werken vanuit gedrevenheid

Je krijgt hier een uitgelezen terrein om die intenties te vertalen.  Maar ik wil daar niet te veel mee uitpakken, ik denk dat in de gevangenis heel wat mensen werken vanuit een gedrevenheid, een maatschappelijk engagement.  Het maakt me niet uit wat hun inspiratiebron moge zijn, het humanisme, hun geloof.  Het gaat, en zal hier altijd blijven gaan, om mensen.  Je moet niet naïef zijn, maar het blijven mensen.

Je kent een maatschappij aan zijn…

Zoals sommigen zeggen, je kan het niveau van de samenleving afmeten aan de manier waarmee zij omgaat met zijn gedetineerden.  En ik begrijp het, als je slachtoffer bent van een of ander misdrijf, dan is dat niet evident.  Vorige maand werd mijn vrouw haar handtas gestolen.  Er was dertig euro weg, dat is het minste, maar het is al dat geloop daarna.  Ik begrijp het dat mensen tegen mij beginnen te fulmineren, dat het altijd die vreemdelingen zijn, dat ze ze allemaal tegen de muur zouden moeten zetten…

Gijzeling

Ik ben ook gegijzeld geweest.  Dat was in maart 1984.  Het was niet tegen mij als persoon gericht, ik was gewoon het levend schild.  Het heeft geduurd van 8u30 tot 14u00.  De persoon die mij vasthield in zijn greep is van op 70 meter afstand door de groep Diane afgeschoten.  Aan de hoofdingang kan je een kogelinslag zien.  Dit is geen fait divers, maar ik ben blij dat ik er op een volgens mij goeie manier ben kunnen mee omgaan.  Ik ben door mijn vrouw goed opgevangen geweest.  Mijn kinderen waren toen nog zeer klein.  Van slachtofferhulp was toen nog geen sprake…

Ik was 5 jaar in dienst, het is niet de aanleiding geweest om cynisch te worden, integendeel. Ik heb dat vrij snel kunnen plaatsen, het is niet de drama-ervaring geweest die de rest van mijn leven getekend heeft.

Spektakel televisie

Het toppunt was dat een aantal jaren later RTL reconstructies van spectaculaire zaken deed. Iemand in de hogere regionen had aan de baas van RTL-TVI beloofd dat ik wel zou meedoen. Ik voel me echter niet geroepen een bijdrage te leveren aan het verhogen van het maatschappelijke onveiligheidsgevoel…  Men heeft me toen vanuit verschillende kanten benaderd om toch mee te doen.

Wat er toen gebeurde heeft me razend gemaakt.  Ik kom terug van een vergadering naar mijn woning (aan de gevangenis).  Aan de poort staat een grote auto van RTL, ze waren gewoon aan het opnemen met een dubbelganger aan de poort, Ik kon bijna mijn eigen huis niet binnen.    De binnenopnamen deden ze in een andere gevangenis.  Dit alles hebben ze gecombineerd met beelden die ze genomen hadden tijdens de echte gijzeling.

Ik heb het hoofdbestuur geschreven dat dit er helemaal over was.  Is dat de manier waarop slachtoffers, en in dit geval zelfs het personeel, bejegend wordt?  Ik kreeg nadien natuurlijk van de minister een brief met excuses, maar het is toch gebeurd.

Je hebt het ook meegemaakt meneer de directeur

In oktober 2009 hadden we hier een zwaar incident, een Iranees verwondde een vrouwelijke cipier met een schaar.  Gelukkig – dankzij  het opendeursysteem – hebben de gedetineerden een erger drama kunnen voorkomen.  Ze zijn zelf tussengekomen, een van de gedetineerden werd daarbij levensgevaarlijk gewond.  De reactie van het slachtoffer was heel mooi: ‘directeur, je hebt het zelf ook meegemaakt’.

Ik heb niet enkel naar lucht moeten happen als ik de gevangenis binnenkwam.  Het verhaal van Guido heeft me ook danig naar de keel gegrepen.  En als we het hebben over materialiteit, dan is dit een schitterend voorbeeld!

Franky De Cooman

Met dank aan Mieke De Pril voor de redactie.

 

Advertenties

One Response to Guido Verschueren – Leuven Centraal

  1. Peter Radix says:

    Waarde Guido,

    Onze samenleving kan alleen maar rijker worden als we ons ten volle inzetten om ook achter de tralies mensen kansen te geven, ik besef heel goed dat veel van deze gedetineerden ondraaglijk leed hebben aangericht bij ouders ,kinderen, en vrienden toch pleit ik ervoor om meer psychologische hulp te bieden aan gevangenen met een stoornis hier is de gevangenis niet altijd een oplossing. Laat ons het nieuwe jaar zeker ook denken aan de schlachtoffers en de daders.

    Peter

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: